Pensioensparen

Kies ik voor een spaarfonds of een verzekering?

Je kan pensioensparen bij een bank of bij een verzekeraar. Het betreft hier 2 verschillende producten, maar zelden worden de klanten hierin wegwijs gemaakt.

Bij de bank kan je pensioensparen via een een pensioenspaarfonds. Dergelijk fonds zal de gestorte bedragen collectief beleggen, maar is verplicht minstens 30% in aandelen van Belgische vennootschappen te steken en maximum 10% cash aan te houden. In praktijk zit het grootste deel van deze fondsen in BEL-20 aandelen. Het betreft meestal degelijke, maar wat saaie aandelen die echter geen al te grote risico's opleveren. Niettemin kan je kapitaal in waarde dalen, hetgeen bv het geval was tijdens het jaar 2000.

Bij een verzekeraar kun je een pensioenspaarverzekering aangaan. Deze verzekering belegt in obligaties, en geeft een gegarandeerd rendement. Dit gegarandeerd rendement wordt bepaald door de wetgever, en is dus bij alle verzekeraars gelijk. Het kan af en toe veranderen, in functie van de marktrente. Momenteel bedraagt het gegarandeerd rendement 3.25%, maar tot enkele jaren geleden was dat nog 4.75%. Daarbovenop geeft de verzekeraar een winstdeelname, die gewoonlijk rond 2% schommelt. Deze winstdeelname verschilt van maatschappij tot maatschappij. Er bestaat ook een variant waarbij de klant kan bepalen in welke produkten de winstdeelname moet worden herbelegd. Deze deelname mag immers WEL in aandelen worden belegd, indien de klant dit wenst. (de klant kiest vrij de verhouding aandelen-obligaties). Onderschat dit niet, dit bedrag loopt aardig op!

Beide systemen voorzien in een maximum inleg van 23.397 BEF (580 EUR) per jaar, waarop een belastingsbesparing wordt toegepast die tussen 30 en 40% ligt (de bijzondere gemiddelde aanslagvoet van de belastingplichtige).

Belangrijk is echter de fiskaliteit op eindvervaldag. Op je zestigste verjaardag word je immers getaxeerd. Hoe?

  • Pensioenspaarfonds: men kapitaliseert je stortingen jaarlijks aan 4.75%. Op dat (fictief) eindbedrag betaal je 10%.
  • Pensioenverzekering: men kapitaliseert je stortingen aan 3.25%. Ook daarop betaal je 10%.

De pensioenspaarverzekering wordt dus duidelijk minder zwaar belast. De respectievlijke kapitalisatievoeten van 4.75% en 3.25% kunnen in de loop der jaren worden aangepast. Echter niet retro-actief! Wie dit jaar stort, weet dus perfect aan welk tarief deze storting zal worden gekapitaliseerd. Een voorbeeld: een 30-jarige stort dit jaar 20000 Bef. Bij een fonds wordt hij belast op 20000 x (1.0475 tot de 30e macht) = 80473 BEF. Bij een verzekering wordt hij belast op 20000 x (1.0325 tot de 30e macht) = 52207 BEF. Het verschil in belasting bedraagt 2826 Bef, hetgeen ruim 14% is van de totale storting!!!

Je mag jaarlijks veranderen van systeem, maar je mag nooit binnen hetzelfde jaar van de twee formules gebruik maken.

Voor de volledigheid: stortingen tussen je 60 en je 65 jaar zijn nog steeds aftrekbaar, maar worden niet meer belast. Deze 5 jaren zijn dus de interessantste.

 

Het spreekt vanzelf dat de BVBA Mennes beide formules kan aanbieden.